Leesniveau Limburgse leerlingen daalt: zorgen over begrijpend lezen

september 8, 2026
Leesniveau Limburgse leerlingen daalt: zorgen stijgen

Het leesniveau van Limburgse leerlingen staat steeds meer onder druk. Bijna 40 procent van de Limburgse jongeren dreigt na de middelbare school onvoldoende te kunnen lezen en teksten goed te begrijpen. Dat blijkt uit het internationale PISA-onderzoek, waarin de prestaties van 15-jarige leerlingen worden onderzocht.

De cijfers zijn onderdeel van een bredere ontwikkeling in Nederland. Al langere tijd neemt het niveau van begrijpend lezen af. Meer dan een derde van de Nederlandse 15-jarigen beschikt volgens de resultaten niet over voldoende leesvaardigheid om zonder problemen mee te kunnen komen op school en in de maatschappij. Volgens deskundigen is de ontwikkeling zorgwekkend. Vooral omdat laaggeletterdheid in veel andere landen vooral voorkomt onder oudere generaties en daar juist afneemt. In Nederland lijkt die ontwikkeling zich deels om te keren.

Waarom gaat het leesniveau achteruit?

Hoogleraar Inge de Wolf van Education Lab in Maastricht ziet verschillende oorzaken voor de tegenvallende prestaties. Volgens haar vragen scholen steeds meer van leerlingen en leraren, waardoor er minder tijd overblijft voor de belangrijkste basisvaardigheden. Nederlandse scholen houden zich volgens De Wolf bezig met een zeer breed pakket aan onderwerpen. Naast taal en rekenen krijgen thema's als burgerschap, digitale vaardigheden en andere maatschappelijke onderwerpen steeds meer aandacht.

Daarmee ontstaat het risico dat leerlingen minder tijd besteden aan het lezen en diepgaand begrijpen van teksten. Juist dat diepere begrip wordt volgens De Wolf door PISA gemeten. Ze wijst daarbij ook op de manier waarop lesmateriaal door de jaren heen is veranderd. Volgens haar bevatten moderne schoolboeken meer afbeeldingen, kaders en verschillende soorten informatie, terwijl leerlingen minder vaak uitgebreid met lange en inhoudelijk rijke teksten werken. Voor begrijpend lezen is juist veel oefening met dergelijke teksten belangrijk. Leerlingen moeten leren om informatie te herkennen, verbanden te leggen en zelfstandig conclusies te trekken.

Verwachtingen kunnen een rol spelen

Een tweede probleem dat De Wolf benoemt, is het verlagen van verwachtingen. Wanneer leraren ervan uitgaan dat bepaalde leerlingen moeite hebben met concentratie of een bepaald niveau niet aankunnen, bestaat het risico dat het onderwijs daarop wordt aangepast. Als een leerling bijvoorbeeld moeite heeft om langere tijd geconcentreerd te werken, kan ervoor worden gekozen om lessen steeds korter en eenvoudiger te maken. Volgens De Wolf kan dat echter een zichzelf versterkend effect hebben.

Wanneer leerlingen minder worden uitgedaagd, krijgen ze immers ook minder mogelijkheden om hun vaardigheden verder te ontwikkelen. De lat wordt dan steeds lager gelegd, terwijl leerlingen mogelijk meer kunnen bereiken wanneer ze de juiste begeleiding en omstandigheden krijgen. Dit geldt volgens de hoogleraar niet alleen voor leerlingen die moeite hebben met de lesstof. Ook leerlingen die bovengemiddeld presteren zouden volgens haar onvoldoende worden uitgedaagd.

Niet alleen zwakke leerlingen scoren lager

Bij discussies over dalende leesvaardigheid ligt de nadruk vaak op leerlingen die moeite hebben met lezen. De PISA-resultaten laten volgens De Wolf echter zien dat de ontwikkeling breder is. Ook leerlingen die normaal gesproken goed presteren, laten minder sterke resultaten zien. Nederland heeft volgens haar relatief weinig excellente leerlingen en een grote middengroep die steeds verder terugzakt. Dat betekent dat scholen niet alleen moeten kijken naar leerlingen die achterlopen. Ook sterke leerlingen hebben uitdaging nodig om zich verder te ontwikkelen. Differentiatie in de klas is daardoor belangrijk. Leerlingen die extra hulp nodig hebben, moeten ondersteuning krijgen, maar leerlingen die sneller leren moeten eveneens voldoende uitdaging krijgen.

Sterke en zwakke leerlingen samen laten leren

De Wolf pleit daarnaast voor een andere manier van ondersteuning. Leerlingen die extra hulp nodig hebben, worden nu regelmatig tijdens lessen uit de klas gehaald voor individuele begeleiding. Hoewel dat goed bedoeld is, kan het volgens haar ook nadelen hebben. De leerling mist op dat moment namelijk een deel van de reguliere les. Een andere aanpak kan zijn om leerlingen juist meer van elkaar te laten leren. Een sterke leerling kan bijvoorbeeld samen met een leerling die meer moeite heeft met de stof opdrachten maken of teksten bespreken.

Door elkaar uitleg te geven, kunnen beide leerlingen daarvan profiteren. De ene leerling oefent met uitleggen en de andere krijgt ondersteuning van een klasgenoot. Volgens De Wolf is het daarom belangrijk om zwakke leerlingen niet te snel apart te zetten, maar juist te kijken hoe zij binnen de groep extra kunnen worden geholpen.

De telefoon is niet het hele verhaal van het leesniveau Limburgse leerlingen

Ook smartphones en sociale media worden vaak genoemd als oorzaak van de dalende leesvaardigheid. Platforms als TikTok en Instagram bieden gebruikers voortdurend korte stukjes informatie, waardoor jongeren minder gewend zouden kunnen raken aan langdurige concentratie. De Wolf erkent dat concentratie een probleem kan zijn, maar vindt de telefoon geen volledige verklaring voor de Nederlandse cijfers.

In vrijwel alle landen hebben jongeren toegang tot smartphones en sociale media. Toch zijn de prestaties in Nederland volgens haar sterker achteruitgegaan dan in verschillende andere Europese landen. Daarom moet volgens haar ook naar het onderwijs zelf worden gekeken. De manier waarop scholen lesgeven, leerlingen begeleiden en leerstof aanbieden kan volgens haar een belangrijke rol spelen.

Grote verschillen tussen scholen daardoor leesniveau Limburgse leerlingen lager

Een ander aandachtspunt is de grote autonomie van Nederlandse scholen. Schooldirecteuren en schoolbesturen hebben relatief veel vrijheid om zelf keuzes te maken over het onderwijs. Dat kan voordelen hebben wanneer een school sterk wordt geleid en duidelijke keuzes maakt. Tegelijkertijd kan het volgens De Wolf leiden tot grote verschillen tussen scholen. De kwaliteit van een schoolleiding kan daardoor een belangrijke invloed hebben op de prestaties van leerlingen. Op scholen waar duidelijke prioriteiten worden gesteld en leraren goed worden ondersteund, kunnen leerlingen zich beter ontwikkelen. Wanneer die leiding minder sterk is, kunnen problemen volgens De Wolf langer blijven bestaan.

Overheid wil basisvaardigheden versterken

Ook vanuit de politiek is er aandacht voor de ontwikkeling. Staatssecretaris Judith Tielen erkent dat eerdere plannen rond basisvaardigheden onvoldoende effect hebben gehad. Volgens Tielen moeten taal en rekenen veel sterker worden geïntegreerd in het volledige onderwijs. Taalvaardigheid is immers niet alleen belangrijk tijdens een Nederlandse les. Leerlingen hebben goede leesvaardigheid nodig bij vrijwel ieder schoolvak. Vanaf dit schooljaar werken scholen met nieuwe kerndoelen voor Nederlands en rekenen. Die kerndoelen zijn volgens de staatssecretaris concreter en ambitieuzer dan de vorige doelen uit 2006. Daarnaast wordt later dit najaar een nieuw actieplan voor basisvaardigheden verwacht. Daarin moet extra aandacht komen voor taal en rekenen, met taal als een van de belangrijkste speerpunten.

Leesniveau Limburgse leerlingen vraagt om blijvende aandacht

De PISA-resultaten laten zien dat de problemen met leesvaardigheid niet eenvoudig op te lossen zijn. Het gaat niet alleen om smartphones of leerlingen die moeite hebben met concentratie. Ook de inrichting van het onderwijs, de verwachtingen van leraren, lesmateriaal, schoolleiding en de manier waarop ondersteuning wordt georganiseerd spelen volgens deskundigen een rol. Voor Limburg is de situatie extra belangrijk. Wanneer bijna 40 procent van de leerlingen dreigt uit te stromen met onvoldoende leesvaardigheid, kan dat gevolgen hebben voor hun verdere schoolloopbaan en deelname aan de maatschappij.

Het verbeteren van het leesniveau van Limburgse leerlingen vraagt daarom om een brede aanpak. Meer aandacht voor rijke teksten, hogere verwachtingen, goede begeleiding en sterke schoolleiders kunnen daarbij belangrijke onderdelen zijn. De komende jaren zal moeten blijken of de nieuwe kerndoelen en aangekondigde plannen daadwerkelijk leiden tot betere resultaten. Eén ding is duidelijk: goed kunnen lezen is een basisvaardigheid die leerlingen nodig hebben om zich verder te ontwikkelen, zowel op school als later in hun werk en dagelijks leven.

Limburgs voetbalweekend: drie duels om naar uit te kijken. Lees hier meer!

Bron:
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram